Medisch Woordenboekje



Abces=    Met pus gevulde holte (ettergezwel)
Aberrant=     Afwijkend, bijv. een aberrant orgaan ligt op een afwijkende plaats in het lichaam
Absence=     Kortstondig bewustzijn verliezen als gevolg van een stooring in de hersenen.
Aciditeit=     Zuurgehalte
Acrocyanose=    Het blauw kleuren van de handen, voeten
Anticonceptiepil=    Oraal gebruikt voorbehoedsmiddel die hormonen bevatten
Appendix=    Blindedarm
Arterioscterose=    Aderverkalking
Artritis=    Gewrichtsontsteking
Azotemie=    Toename van het stikstofgehalte van het bloed



Bacil=    Staafvorimige bacterie
Balanitis=    Ontsteking van de eikel
Benigne=    Goedaardig (m.b.t. een gezwel)
Blefaritis=    Ontsteking van het ooglid
Bilharzia=     een worm die in het lichaamsweefsel van de mens leven(1-2cm lang)
Bradypnoe=    Ademhaling wordt vertraagd
Bronchospasme=    Kramp van de luchtpijptakken
Bruxisme=    Tandenknarsen
Bulleus=    Blaarvorming
Bursilis=    Ontsteking van de slijmbeurs


Capillairen=     Allerfijnste vertakkingen (van bloedvaten, lymfvaten enz.)
Cardiopathie=     Hartziekte
Cardiopulmonaal=    Hart en Longen
Cardiotoxisch=    Giftig voor het hart
Chlorose=    Bleekzucht (bloedarmoede door ijzergebrek)
Cholera=    Zeer besmettelijke infectieziekte die de darmen aantasten
Cholesterol=    Galvet, een lichaamsvet
Claudicatie=    Kramp en pijn in de benen, gevolg van vaatafwijking
Cyanose=    Blauw verkleurde huid meestal als gevolg van zuurstof tekort
Cyste=    Door een Vlies omgeven holte(vloeibare inhoud)


Darmflora=    In de darm levende bacterie
Decubitus=    Doorligwond
Dementie=    Psychische aftakeling
Dengue=    Knokkelkoorts (besmettelijke tropische ziekte)
Dermatofytose=    Huidschimmelziekte
Diagnose=    Vaststelling van de aard en oorzaak van een ziekte
Dialyse=    Kunstnierbehandeling
Distorsie=    Verstuiking, verzwikking
Dysfagle=    Slikstoornis
Dyspareunie=    Paringspijn, pijn bij het vrijen


Ectopisch=    Buiten zijn normale ligging
Endemisch=    Inheems(e ziekte)
Emfyseem=    Longaandoening
Endometriose=    Baarmoederslijmvlies buiten baarmoeder
Epidemie=    Plotseling optredende en zich snel verbreidende ziekte van infectieuze aard
Epiduraal=    Buiten het harde hersenvlies en de ruimte aan de buitenzijde van het harde ruggemergvlies
Erytrocyt=    Rood bloedlichaampje
Excipiens=    Bestanddeel van een geneesmiddel
Expectorans=    Geneesmiddel dat het ophoesten bevordert
Extractie=    Uithalen, uittrekken (bijv. tanden of kiezen)


Faeces=    Ontlasting
Fasciculatie=    Spiertrillen
Fatigato=    Vermoeidheid
Filaria=    Wormsoort uit de tropen (Draadworm 5-8cm lang)
Flatulentie=    Opgeblazen gevoel door gasophoping in de darmen
Flauwvallen=    Bloed wordt voor korte tijd uit hersenen weggetrokken
Folliculitis=    Ontsteking van de haarzakjes
Fotosensibiliteit=    Overgevoeligheid voor licht
Fungus=    Schimmel
Furunculose=    Steenpuistziekte


Galstenen=    Stenen in de galblaas of in de galgang buiten de lever
Gangreen=    Koudvuur
Gastralgie=    Maagpijn (krampen)
Geelzucht=    Een symptoom van een verstoorde leverfunctie
Gele koorts=    Virusziekte, wordt overgedragen door bloedetende insecten (bijv. Muskiet)
Germicide=    Kiemdodende stof
Gingivitis=    Tandvleesontsteking
Glossitis=    Tongontsteking
Glycoside=    Plantaardige stof met suikerbestanddeel
Graniditeit=    Zwangerschap


Hemofilie=    Een erfelijke afwijking in de bloedstolling, voornamelijk bij de mannen
Hepar=    Lever
Hereditair=    Aangeboren, erfelijk
Hernia=    Lage rugpijn met uitstraling naar een of beide benen
Herpes Simplex=    Koortsuitslag, virusinfectie
Hirsutisme=    Overmatige haargroei
Hooikoorts=    Overgevoeligheid voor stuifmeel
HPU=    Een bepaalde stof die in de urine wordt gevonden
Hypoglykemie=    Een te lage bloedsuikerspiegel
Hypoxie=    Zuurstoftekort in de weefsels


Impetigo=    Etterige huidontsteking
Incubatie=    Sluimeren van een ziektekiem
Indigestie=    Spijsverteringsstoornis
Infarct=    Stoornis in de bloedtoevoer (gevolg: afsterven van weefsel)
Influenza=    Griep
Infusie=    Inbrengen van vloeistoffen
Insomnia=    Slapeloosheid
InsufficiŽntie=    Onvoldoende: tekort schietende werking van een orgaan
Intracutaan=    In de huid
Intraveneus=    In de ader


Jejunum=    Deel van de dunne darm
Jeugdpuisjes=    Toename van de productie van androgenen (mannelijke geslachtshormonen)
Jeuk=    Een prikkeling van de huid door huidaandoening, insectebeten, genezende zonnebrand of uitdrogende huid
Jicht=    Een afwijking in het purinemetabolisme (celkernbestanddelen)
Juveniele reuma=    Komt het meest voor bij kinderen, opzwelling, pijn en ontsteking van ťen of meerdere gewrichten


Kanaal-stenose=    Een vernauwing in de wervelkolom
Keloid=    Woekering van littekenweefsel
Keratitis=    Oogbindvliesontsteking
Keratolyticum=    Middel dat de hoornlaag van de huis verweekt
Keto-acidose=    Zuurvergiftiging(verstoring van de stofwisseling)bij suikerziekte
Koorts=    Een verhoogd verbrandingsproces
Kristalurie=    In urine aanwezige kristallen
Kruisinfectie=    Besmetting binnen het ziekenhuis opgelopen
Kyphose=    Achterwaartse kromming van de wervelkolom
Kyste=    Holte gevuld met vocht


Labia=    Schaamlippen
Lagophtalmos=    Onvoldoende sluiting van de oogleden
Lataal=    Dodelijk
Ligament=    Bindweefselband van gewrichten
Limbisch=    Heeft betrekking tot de omranding
Lipiden=    Vetten
Liquor=    Vloeistof
Luetisch=    Door de geslachtsziekte veroorzaakt
Lumbaal=    Betrekking tot de lende (wervelkolom)
Lymfeklieren=    Klieren van ons afweersysteem


Malabsorptie=    Gebrekkige opname van voedingsstoffen
Maligne=    Kwaadaardig (m.b.t. een gezwel)
Malnutritie=    Ondervoeding
Medicatie=    Voorschrijven van geneesmiddelen
Medullair=    Mergachtig
Meningitis=    Hersenvliesontsteking
Micella=    Kleine vetdruppel
Migraine=    Eenzijdige (schele)hoofdpijn
Morbiditeit=    Ziektecijfer
Myalgie=    Spierpijn


Narcoticum=    Verdovende middel
Nefroliet=    Niersteen
Nervus=    Zenuw
Neuralgie=    Zenuwpijn
Neuroborreliose=    Chronische zenuwaantasting door een tekenbeet
Nicotine=    Vloeibare verslavende stof uit de teer van sigaretten
Niersteen=    Verkalking in het nierbekken
Normotensief=    Met gewone bloeddruk
Nullipara=    Vrouw die nog geen kind heeft gebaard
Nystagmus=    Oogsiddering, ongecontroleerde snelle beweging van het oog


Obesitas=    Zwaarlijvigheid
Oligomenorroe=    Menstruaties met grote onregelmatige tussenpozen
Oligurie=    Verminderde uitscheiding van urine
Oncolyticum=    Middel dat de groei van gezwellen remt
Orchitis=    Ontsteking van de teelbal
Osteomyelitis=    Botontsteking
Oto-rhinolaryngologie=    Oor-neus-keelheelkunde
Otosclerose=    Erfelijke doofheid
Ovarium=    Eierstok
Oxytocisch=    Bespoedigt de bevalling


Partus=    Bevalling
Pelvis=    Bekken
Periduraal=    Rond het harde hersenvlies
Pfeiffer=    Een virus-infectie, die de lymfeklieren, de lever en de milt aantast
Polyneuritis=    Ontsteking van verschillende (meerdere) zenuwen
Priapisme=    Een erectie van de penis die veel te lang blijft
Prikpil=    Een hormoonpreparaat door injectie bij de vrouw
Protrombine=    Bloedstollingsfactor
Psoriasis=    Chronische huidziekte (ook zilverschub of schubziekte)
Pylorus=    Maaguitgang


Q-koorts=    Acute, koortsende ziekte door een bepaalde bacterie
Qrs-complex=    gedeelte uit een ECG (hartfilmpje)
Qt-interval=    Gedeelte uit een ECG (hartfilmpje)
Quarantaine=    Afzondering voor patienten die waarschijnlijk een ernstige besmettelijke ziekte hebben


Rachitis=    Aandoening die gevolg is van vitamine-D gebrek bij kinderen
Radiotherapie=    Bestraling
Recidief=    Hernieuwd optreden van de ziekteverschijnselen
Recombinant=    DNS waarin een stukje vreemd DNA is ingelast
Refluxklachten=    Terugstromen van de maaginhoud door grote druk op de buikholte
Regulatie=    Aanpassing aan de normale toestand
Retinopathie=    Netvliesaandoening
Ritmestoornis=    Stoornis in de regelmaat of de grequentie van het normale hartritme
Rubella=    Rodehond
Ruptuur=    Verscheuring


Schedelbasisfractuur=    Een breuk in de onderkant (basis) van de schedel
Septikemie=    Bloedvergiftiging
Smegma=    Witachtige, onsmakelijk ruikende substantie
Spit=    Acute vorm van lange rugpijn, kan uitstralen in bil en been
Stenose=    Vernauwing
Stomatitis=    Ontsteking van het mondslijmvlies
Strabismus=    Scheelzien
Stria=    Huidstriem bijv. bij zwangerschap
Synovitis=    Gewrichtsontsteking
Systeemvergif=    Stof die giftig werkt op een algemene levensfunctie


Tendinitis=    Peesontsteking
Tetanus=    Infectieziekte die door gifstof leidt tot spierspasmen
Thorax=    Borstkas
Tonsillitis=    Amandelontsteding
Toucheren=    Inwendig onderzoek
Transfusie=    Inbrengen van bloed in het bloedvatenstelsel
Tremor=    Beving
Trismus=    Kaakkramp
Trombo-embolie=    Bloedvatverstopping door bloedprop
Tumor=    Gezwel


Ulcerogeen=    Iets dat de vorming van zweren bevordert
Uremie=    Bloedvergiftiging door onvoldoende werking van de nieren
Urografie=    rontgenfoto van de urinewegen
Uterus=    Netelroos
Uveitis=    Ontsteking van het vaatvlies in het oog


Vaginaal=    Met betrekking tot de schede van de vrouw
Varix=    Spatader
Vasoconstrictie=    Vaatvernauwing
Vasodilitatie=    Vaatverwijding
Vena=    Ader
Vertigo=    Duizeligheid
Vigiliteit=    Waakzaamheid
Vitale Capaciteit=    Nuttige longinhoud
Vomeren=    Braken
Vulnus=    Wond


Wee=    Samentrekking van de baarmoederspier
Wondroos=    Een infectie van de huid en de onderhuid door een bacterie
Woordblindheid=    (dyslexie) onvermogen om afzonderlijke letters te herkennen of woordbeeld samen te vormen
Wratten=    Ruw aanvoelende knobbeltjes op het lichaam


Xanthopsie=    Geelzien
Xeroftalmie=    Uitdroging van het hoornvlies
Xerodermie=    Uitdroging van de huid
Xerostomie=    Droge mond


Hiervan heb ik er geen!


Hiervan heb ik er geen!